Piekenierskloof
Olifantsrivier · Zuid-Afrika
Op een hooggelegen plateau in de Citrusdal Mountains, waar ooit Nederlandse piekeniers de wacht hielden, ligt Piekenierskloof. In 1923 vestigden Johan Abraham van Zyl en zijn vrouw Wilhelmina zich in dit ruige gebied, en in 1962 plantte hun zoon Carel de eerste wijnstokken, waaronder Grenache. Wat begon als een coöperatieve kelder groeide uit tot wat vandaag bekendstaat als de thuisbasis van Grenache in de Kaap. Na jaren onder gedeeld eigendom kochten de broers Oubaas en Potgieter van Zyl, derde generatie afstammelingen van Johan Abraham, het huis terug in eigen handen, en inmiddels zet de vierde generatie van de familie die zorg voor het land voort.
Het plateau ligt op 650 tot 700 meter hoogte, met zanderige leemgrond op oost-west hellingen die de wijnen hun parfum en mineraliteit geven. Koele nachten volgen op warme dagen, wat de druiven langzaam laat rijpen tot complexe smaken en een levendige zuurgraad. De wijnstokken krijgen geen irrigatie, maar wortelen diep in de droge grond op zoek naar vocht en mineralen, sommige al meer dan zestig jaar oud, waaronder de oudste Grenache wijngaard van Zuid-Afrika, geplant in 1973.
Die combinatie van hoogte, droogte en oude stokken maakt Piekenierskloof tot wat velen "Grenache HQ" van de Kaap noemen. De druiven leveren kleine, geconcentreerde trossen op, die wijnen geven met een uitgesproken diepte, rood fruit, een vleugje kruiden en een herkenbare mineraliteit. Van de wijngaard tot de fles blijft alles in handen van dezelfde familie die hier een eeuw geleden aankwam, een erfenis die zij met evenveel toewijding doorgeven als ze ooit zelf ontvingen.